OPHETLAND.EU
   <<< beginpagina
Journalistiek
Columns
Artikelen
Boeken
Natuurmakers
Op het land

Landschapsbiografie van de Drentsche Aa
Ineke Noordhoff
Agenda
Contact
 
Artikelen


Geert Mak over landschapspijn
Kwartetten met gebouwen
Modderig museumstuk
Pieterburen aan Zee
De 21e eeuw
De druk neemt toe
Op zoek naar Wadden-wildernis
Goed zoeken naar Waddenwerelderfgoed
Grazen in stuivende duinen
Zee klapt over Rottum
Rottum groeit
Simonszand door midden
Bijzonder burgerinititief
Blekers boeren
Knikklei aan de haringen
Nieuwsmonitor 2
Nieuwsmonitor 1
Dannemeer 9
Dannemeer 8
Dannemeer 7
Dannemeer 6
Dannemeer 5
Dannemeer 4
Dannemeer 3
Dannemeer 2
Dannemeer 1
Het luie landschap

Verlangen naar wildheid
Alweer een moeras
Vrijbuiters van īt wad
Vrije-keuze-koeien
Feestje op braakland
Intratuin op grote schaal
In dienst van de natuur
Leuk werk in vijfsterrenlandschap
Een schuur vol beukennootjes
De natuur als medicijn
Help, ze komen plantjes tellen
Boeren stoppen met natuurbeheer
Het is een lastige periode
Akkervogels wacht hongerwinter
Geef burgers het landschap terug
Kleinere redacties, betere kranten?
Inkrimpingen gaan door
Vogelaar: dubbelspel
Grutto's kijken in stadsland
Met de tram de stad uit
Heel erge betweters moeten dood
Mensen vervreemden van de natuur
Het lageland stroomt vol


Dannemeer 7



Mees Pestman woont bijna zijn hele leven aan het einde van de Meenteweg in Schildwolde, Lubbien zijn vrouw trok er 22 jaar geleden bij in. Ze blijven hier koeien melken ook nu om de boerderij moeras komt. De roodbonte koeien staan onwetendheid te herkauwen in de stal. Volgend voorjaar is de huiskavel omringd door water – en hopelijk niet al teveel muggen.

‘Water? Welnee, hier komt geen water maar moeras. Je kunt er niet op of in –alleen met lieslaarzen’, zegt Mees. Vroeger had hij een bootje en voer hij op het Schildmeer. Lubbien schaatst liever– als ze niet te moe is. Zij melkt de vijftig koeien tweemaal daags en doet de administratie, want Mees kan daar niet goed tegen. ‘Als ik ruige mest uitrij moet ik voor elke wagen vol een papier volschrijven. Dan ligt er ‘s avonds zo’n berg waar zij weer uren mee bezig is.’ Mees doet de akkers, het hooiland en het vleesvee (ruim honderd limousins) die ‘s zomers verderop in een stuk vogeltjesland van Staatsbosbeheer grazen. ‘Ik ga daar ‘s ochtends vroeg altijd kijken. Maar zelfs in het weekend kom ik er zelden iemand tegen. Dit soort natte natuur is echt voor een hele kleine elite.’ En voor ganzen: ‘Toen ik een kwajongen was zag ik ‘s zomers nooit een gans op de grond.’

Al bijna twintig jaar zijn Mees en Lubbien in gevecht over ‘functieverandering’. De provinciale gedeputeerden (waaronder Henk Bleker) zeiden: We maken hier ruimte voor natuur op basis van vrijwilligheid. ‘Helaas, daarna kwam er toch een verplichte herinrichting.’ De overheid bood hen ‘een spotprijs’ voor huis en kavels. ‘We stonden best open voor een verhuizing, maar het moet wel op een fatsoenlijke manier’, zegt Lubbien. ‘Wij moeten elders grond en een boerderij kunnen kopen. Als we naar elders gegaan waren op basis van hun aanbod waren we nu failliet geweest.’ Ze willen niet cashen, zoon Jaap (20) wil ook boer worden. ‘We wilden ook best ruilen; hectares en vierkante meters tellen en elders opnieuw beginnen. De provincie vond dat te duur.’ Er was ooit budget genoeg om boeren uit dit gebied te plaatsen, vult Mees aan. ‘Maar de provincie heeft dat geld gebruikt om elders gaten te dichten. Blauwestad bijvoorbeeld en vooral Meerstad. Je wilt niet weten wat boeren daar per hectare gekregen hebben! In Meerstad ligt héle dure natuur.’

Lubbien: ‘Ik vroeg aan de grondaankopers: “Verdienen jullie vandaag net zoveel als op een dag dat je grond voor Meerstad koopt?” Ze antwoordden “ja”. Ik vroeg hen “Waarom denken jullie dan dat wij het dan wel voor de helft van het bedrag doen?” Ze keken me aan met grote ogen. Een boer die uitwijkt voor natuur heeft dezelfde kosten als een boer die plaatsmaakt voor woningbouw. Zo is het gewoon.’

‘Het politbureau’, zoals Mees het Provinciehuis noemt, heeft eenzijdig een stempel ‘natuur’ gezet op hun landbouwgrond. ‘Moeten wij betalen voor de keuze van de provincie?’ Het steekt dat zij de zwarte piet krijgen: ‘Dan hoor je gedeputeerde Hollenga in de Staten zeggen dat wij onwillige boeren zijn!’ Mees vindt het ‘smerige politiek’, zijn vrouw noemt het ‘onrechtvaardig’. ‘Wij houden echt wel van natuur’, verzekert ze. Vooral de autoritaire wijze waarop hen nieuwe natuur wordt opgedrongen kost veel energie en brengt een ‘bult spanning’.

Eindelijk is er nu duidelijkheid. De natuur wordt om hun boerderij aangelegd. ‘De provincie moet dat stempel ‘natuur’ van ons land afhalen, anders is het gewoon een uitrookbeleid.’ Ze willen verder. Ze gaan een nieuwe stal bouwen, een vrijekeuzestal waar de melkkoeien kunnen kiezen of ze binnen blijven of de wei in gaan. ‘Mijn familie zit sinds de 17e eeuw in de Woldstreek. Mijn opa heeft hier nog geploeterd om de grond een beetje droog te krijgen. Als je ergens weg moet voor het algemeen belang, dan kunnen we dat begrijpen. Maar om van deze mooie grond moeras te maken? Zulke onzin!’