OPHETLAND.EU
   <<< beginpagina
Journalistiek
Columns
Artikelen
Boeken
Natuurmakers
Op het land

Landschapsbiografie van de Drentsche Aa
Ineke Noordhoff
Agenda
Contact
 
Natuurmakers



Natuurmakers
Reacties
Bronnen EHS en dieren
Bronnen Staatsbosbeheer
Bronnen Spontane natuur
Bronnen burgers
Bronnen divers
Bronnen particuliere natuur
Bronnen boerennatuur
Bronnen diverse terreinen
Bronnen Weer water
Bronnen Wadden
Bronnen Blauwestad
Wieringen


Bronnen boerennatuur

Hoofdstuk 16, 20


 

Hoofdstuk 16 Midden Groningen

 

Samenwerking tussen natuurbeheerders en boeren begint bij de keuze om op grote schaal natuur te maken. Het gaat echter niet altijd soepel. Om te beginnen omdat natuurbeheerders deelsd bezig zijn met bestrijden of weghalen van vervuiling door boeren. In april 2006 verscheen een artikel in Vakblad Natuur bos en landschap over nieuwe natuur en het probleem van intensieve landbouw vlakbij natuur. De belangentegenstelling blijft opspelen. Begin 2011 pakte De Telegraaf groot uit met een artikel over ‘natuurfundamentalisten’. Het was een interivew met boerenvoorman Albert-Jan Maat. Zijn uitlatingen konden niet onweersproken blijven. In Levende Natuur bijvoorbeeld stond dit artikel.

 

Bij Rijn in beeld verscheen in 2011 een inventarisatie waaruit het grote succes van de nieuwe natuur bij Gelderse Poort bleek. Maar over de combinatie met landbouw zijn de onderzoekers niet positief: 

Kosteneffectief natuurbeheer

De onderzoekers pleiten ervoor de EHS verder uit te bouwen en daarin samenwerking te blijven zoeken met de delfstofwinning, hoogwaterbestrijding (rivierbeheer), stadsontwikkeling en recreatie en toerisme. Het koppelen van deze functies met het natuurbeleid leidt tot succesvolle, maar ook betaalbare resultaten.Tegelijkertijd blijkt een koppeling met de landbouw helaas moeilijker. Zelfs landbouwgrondenwaar met relatief hoge subsidies (agrarische beheerovereenkomsten) een extensiever beheer wordt gevoerd, laten in het rivierengebied nauwelijks een wezenlijke verbetering van de natuur zien. "Een iets extensiever agrarisch beheer is eenvoudigweg nog steeds te intensief om planten en dieren voldoende mogelijkheden te bieden," aldus de onderzoekers. Juist het scheiden van

productielandbouw en natuur is langs de grote rivieren de belangrijkste motor achter het natuurherstel geweest. De onderzoekers pleiten er voor om het natuurgeld effectief te besteden, en in te zetten op de succesformules van de laatste 20 jaar.

 

Hoofdstuk 20 Sudwesthoeke

De gruttokring in zuidwest Friesland en de agrarische natuurvereniging in die hoek hebben eigen websites. Daar is ook over ganzenbeheer te lezen.Om het ganzenprobleem in te dammen is echt van alles geprobeerd. Kansrijk was een proef met ganzen verjagen met border collies. Lastig is echter dat ook de beschermde kleine rietgans dan het hazenpad kiest, terwijl we die juist willen koesteren! Lees ook de special van De Levende natuur van januari 2010 over ganzen.

Het akkoord over de jacht tussen natuurorganisaties en jagers was net droog en de nieuwe natuurwet van Bleker lekte uit. De jagers kwamen er trouwens toch alweer op terug …

CLM kwam met de brochure Ganzenbord ; de oplossing is om ons dit wild te laten smaken.

Over weidevogelbescherming is veel geruzied. De brochure Samen werken aan weidevogelbeheer  steekt in op de succesfactoren. Een grutto-hulpplan leidde tot een website met daarop allerhandel initiatieven en resultaten.

In een studie over de omslag van aankoop naar beheer komt naar voren dat particulier natuurbeheer en agrarisch natuurbeheer weinig succesvol zijn. De enige uitzondering is het weidevogelbeheer: daarvoor heb je boeren nodig.

 

Het aantal afhakers onder de boeren die agrarische natuurbeheer meedoen is aanzienlijk

Uit Natuurbalans 2009 p 165 en verder:

Met agrarisch natuurbeheer kunnen, in theorie, de natuurdoeltypen van de bloemrijke

graslanden worden gerealiseerd (Van der Zee et al., 2004). Voorwaarde is wel

dat dit beheer langjarig gecontinueerd wordt. Alle investeringen gaan verloren, als

het natuurbeheer stopt. Uit de vervolgaanvragen in 2006, 2007 en 2008 die volgden

op de eerste beheerperiode van zes jaar, blijkt echter dat op 47% van het oppervlak

het agrarisch natuurbeheer niet wordt gecontinueerd (zie Agrarisch natuurbeheer,

Figuur 7.6). Aan de andere kant worden ook weer nieuwe pakketten aangevraagd

op voorheen niet beheerde landbouwgronden. Het aandeel botanisch beheer is nu

ongeveer even groot als het aandeel weidevogelpakketten.

 

 

 

Helming, J.F.M., Schrijver, R.A.M., (2008), Economische effecten van inzet van landbouwsubsidies voor

milieu, natuur en landschap in Nederland, Wageningen.