OPHETLAND.EU
   <<< beginpagina
Journalistiek
Columns
Artikelen
Boeken
Natuurmakers
Op het land

Landschapsbiografie van de Drentsche Aa
Ineke Noordhoff
Agenda
Contact
 
Artikelen


Geert Mak over landschapspijn
Kwartetten met gebouwen
Modderig museumstuk
Pieterburen aan Zee
De 21e eeuw
De druk neemt toe
Op zoek naar Wadden-wildernis
Goed zoeken naar Waddenwerelderfgoed
Grazen in stuivende duinen
Zee klapt over Rottum
Rottum groeit
Simonszand door midden
Bijzonder burgerinititief
Blekers boeren
Knikklei aan de haringen
Nieuwsmonitor 2
Nieuwsmonitor 1
Dannemeer 9
Dannemeer 8
Dannemeer 7
Dannemeer 6
Dannemeer 5
Dannemeer 4
Dannemeer 3
Dannemeer 2
Dannemeer 1
Het luie landschap

Verlangen naar wildheid
Alweer een moeras
Vrijbuiters van īt wad
Vrije-keuze-koeien
Feestje op braakland
Intratuin op grote schaal
In dienst van de natuur
Leuk werk in vijfsterrenlandschap
Een schuur vol beukennootjes
De natuur als medicijn
Help, ze komen plantjes tellen
Boeren stoppen met natuurbeheer
Het is een lastige periode
Akkervogels wacht hongerwinter
Geef burgers het landschap terug
Kleinere redacties, betere kranten?
Inkrimpingen gaan door
Vogelaar: dubbelspel
Grutto's kijken in stadsland
Met de tram de stad uit
Heel erge betweters moeten dood
Mensen vervreemden van de natuur
Het lageland stroomt vol


Rottum groeit

Trouw 13 maart 2012


Ondergang Simonszand geeft Rottum toekomst

Door Ineke Noordhoff

Gepubliceerd in Trouw 13 maart 2012

Foto Henk Postma

Komende weken kan de kaart van het Waddengebied herschreven worden omdat wind, water en zand zich met grote kracht een nieuwe weg aan het banen zijn. Simonszand verdrinkt, zo stelde de expeditie van de stichting Verdronken Geschiedenis afgelopen zaterdag vast. Tegelijk kan Rottum tot een volwaardig Waddeneiland uitgroeien.

De waddengidsen zitten nog in een rouwproces: hun favoriete bestemming, Simonszand, is bezig in zee te verdwijnen. Aan de Noordzeekant van dit kleine onbewoonde eiland ten oosten van Schiermonnikoog waren de laatste 80 jaar duinen ontstaan, maar afgelopen winter zijn die weggespoeld. En er is een brede geul dwars over de plaat gesprongen die de weg van de vaste wal naar de plaat heeft afgesneden en twee kleinere zeegaten met elkaar verbindt. In januari was het nog een kleine nieuwe geul, zaterdag bij extreem laag tij was het een 200 meter brede geul.


Het eiland kalft snel af, terwijl de geul keihard groeit. Dat ervoeren de waddengidsen Menno de Leeuw en Tjibbe Stelwagen aan den lijve toen ze afgelopen weekend poolshoogte namen en te water raakten. Ze waren mee met een expeditie van de stichting Verdronken Geschiedenis die in het snel veranderende wad op zoek is naar resten van vroegere eilanden. Terwijl de historici over de resten van Simonszand liepen in de hoop nog overblijfselen aan te treffen van vroegere bewoners van eerdere eilanden, verkenden de gidsen de geul in de hoop een plek te vinden waar ze er met groepen doorheen kunnen. Maar dat lukte niet. Het was nog wel springtij en volle maan. De zon en de maan versterken dan elkaars kracht en op aarde krijg je dan extreme waterstanden. Maar zelfs het extra lage water bood hen geen ruimte om over te steken.

 

Koos de Vries, geoloog bij Medusa, een bureau voor bodemonderzoek, vertelt tijdens de expeditie dat we getuige zijn van een systeemverschuiving in het waddengebied. ‘We zeggen wel dat eilanden heen en weer zwaaien omdat ze aan de ene kant afkalven en aan de andere kant aangroeien, maar in feite zijn het de geulen die verschuiven. Het systeem van eilanden en geulpatronen kan jarenlang rustige doorgaan met opbouw en geleidelijke verplaatsingen. Vervolgens kan een storm een bepaalde doorbraak forceren waardoor ontwikkelingen in een klap een stuk sneller gaan. Geulen kunnen soms in een keer verspringen. Daar lijkt dit op.’
De zeegaten oostelijk en westelijk van Simonszand zijn stevige aan- en afvoerroutes voor water dat de Waddenzee instroomt. Beide hebben ze een eigen gebied waaraan ze water leveren – de kombergingsgebieden. Door de doorbraak worden nu twee stroomgebieden aan elkaar gekoppeld die eerder keurig naast   elkaar lagen. Dat gaat gepaard met een enorme dynamiek. Er zijn dus grote zandtransporten op gang gekomen die de Waddenzee nu ingrijpend veranderen.

 

‘Wat we nu zien is dat er tussen Schiermonnikoog en Rottumerplaat een groot zeegat lijkt te ontstaan’, duidt Albert Oost Waddengeomorfoloog bij Deltares en Fysische Geografie van de Universiteit Utrecht de bevindingen van de expeditie van afgelopen weekend. ‘Daarin zal Simonszand ten onder gaan. Vermoedelijk gaat dat nu snel gebeuren maar je weet het nooit helemaal zeker. In feite is dit het sluitstuk van een ontwikkeling van de Lauwers die we vanaf 1927 al zagen aankomen.’

 

Er ontstaat nu waarschijnlijk één groot zeegat van de Lauwers tussen Rottumerplaat en Schiermonnikoog. Daarin verdwijnt Simonszand maar gaat waarschijnlijk profiteren. De geul die de beide onbewoonde eilanden Rottumeroog en Rottumerplaat scheidt, het Schild, is al aan het dichtslibben. In 2008 op reportage naar Rottum liet Albert Oost al zien hoe water, zand en wind gedrieën keihard aan het werk zijn om met voor lekenogen verborgen wetmatigheden dagelijks massa’s water en zand te verplaatsen. De vaart waarmee Rottumeroog en Rottumerplaat naar elkaar toe groeien – en het Schild dichtslibt - verraste hem toen. Door de breuk bij Simonszand komt dat proces in een nog hogere versnelling, verwacht hij.

 

Als Rottumeroog en Rottumerplaat aan elkaar vastgroeien, kan de provincie Groningen de vlag uithangen omdat ze dan eindelijk ook weer een volwassen Waddeneiland op haar territorium heeft; een eiland met een kop en een staart en een lange duinboog als natuurlijke zeewering. Maar er blijft een belangrijk verschil met de Friese en Noord-Hollandse wadden: Rottum is een onbewoond eiland.

 

Albert Oost ziet een buitenkans opdoemen om de Nederlandse kustbescherming op een hoger plan te brengen. Want als de zeespiegel stijgt, kunnen de eilanden het vasteland in de luwte van de beukende golven houden. Hij wil moeder natuur daar best een handje bij helpen bijvoorbeeld door wat extra zand te brengen naar het Schild in de hoop dat de zee daarna zelf de groeiende ‘zandhonger’ van de Waddenzee gaat voeden door met elk tij meer zand mee te nemen het gebied in. De wetenschapper is benieuwd of hij de zee kan helpen om die zandmotor aan te zetten. ‘Daarvan kun je ontzettend veel leren voor het toekomstig kustonderhoud .’